Jongeren in de kerk (3)

Het onderwerp ‘jongeren in de kerk’ blijft boeien. In dit blog leg ik de nadruk op de twintigers in de kerk. Hoe is het met hen? Dit naar aanleiding van het themanummer van Onderweg dat ging over de jongeren in de kerk. Lees ook mijn eerste blog over dat themanummer. We duiken na een korte opmerking over het vorige blog de wereld van de twintigers in om uit te komen bij de twintigers in de kerk. Om twintigers te behouden voor de kerk, moet je ze boeien als jongere.

Iets te negatief

In dat vorige blog leek ik wat negatief over het themanummer. Het ligt in mijn aard om snel de punten op te pakken die beter kunnen of op zijn minst anders. De positieve punten komen dan wat op de achtergrond terecht. Hopelijk heb ik nog een lang leven voor mij liggen waarin ik hieraan kan werken. 🙂

Het was een goed themanummer. Maar ik ben er achter gekomen dat ik gehoopt had dat het meer was ingegaan op het geloof, de vragen, twijfels en verlangens van twintigers.

Quarterlife crisis

De problemen die twintigers tegenkomen vind ik interessant. Lees maar eens het boeiende verhaal van een twintiger die zelf schrijft over de problemen die ze tegenkomt. (Ja, lees eerst maar en kom dan terug).
De prestatiedrang van twintigers in combinatie met keuzestress en de ontluikende nesteldrang (zoektocht naar intimiteit) maken alles wat ingewikkeld. Jongeren zijn moe van het moeten schreef ik eerder al op mijn andere blog. Een prestatiedrang die opgelegd lijkt te zijn door verwachtingen die ouders en de maatschappij zouden hebben volgens de jongeren. Dat is een ingewikkelde zin; jongeren interpreteren de wereld die ze zien en trekken daar conclusies uit zonder deze goed te controleren.
Als ouders van deze jongeren de hele dag rondrennen en roepen ‘druk druk druk’ lijkt het alsof ‘druk druk druk ‘de norm is. Jongeren denken dat ze zich daaraan moeten conformeren.
Maar het is een denkfout denk ik. Deze drukdoenerij is geen norm maar een afwijking. Een afwijking die we vanwege hoge hypotheekkosten accepteren. Als gevolg van verkeerde keuzes maken op zoek naar een gemakkelijk leven.

Op Elle.nl kwam ik een paar problemen tegen ‘die iedere twintiger herkent‘. Het lijkt nergens over te gaan, maar het geeft mooi weer hoe de twintiger in het leven staat denk ik. Te groot voor tafellaken en te klein voor het servet?

Kans voor de twintigers in de kerk

Volgens Erikson zoeken jong volwassenen naar intimiteit en veiligheid. En dat is wel herkenbaar denk ik. Twintigers willen zich settelen maar huisvesting levert problemen op. Willen in hun eigen levensonderhoud voorzien maar het vinden van een baan is lastig. Tegelijk hebben ze wel het gevoel dat ze moeten presteren.

Juist deze drang naar intimiteit en veiligheid biedt kansen voor de kerk. Want dit is precies wat de kerk kan bieden toch? Een plek waar je begrepen kan worden. Een plek waar je terecht kan met je twijfels en je problemen. Veiligheid bieden is helaas wat anders dan veiligheid voelen. Iemand willen begrijpen is iiets anders dan je begrepen voelen. En daar ligt denk ik vaak de moeilijkheid.

16-20 jaar zo belangrijk

Om de twintigers te behouden voor de kerk moet je ze bereiken als ze jonger zijn. Juist in de periode van 16-20 zijn ze hun eigenheid aan het vormen, hun identiteit. Deze jongeren kom ik momenteel regelmatig tegen en ik krijg een aardig inkijkje in hun binnenwereld via de reflectieverslagen die ik mag lezen en de gesprekken die ik met ze mag voeren. Grote onzekerheid over hun eigen kunnen. Grote onzekerheid over vriendschappen en over God in hun leven. Maar zo’n (h)eerlijke open blik naar zichzelf en naar anderen. Als deze jongeren veel bemoediging krijgen kunnen ze zo vreselijk hard groeien.
Dan groeien ze zichzelf voorbij en gaan ze zich verbazen over zichzelf: deed ik dit? Durf ik dit? Kan ik dit? En ook: zie jij mij echt zitten?

Een periode ook waarin ze met veel enthousiasme zich kunnen inzetten voor doelen waar ze helemaal achter kunnen staan. Er zit een kracht in deze jongeren die ongelooflijk is. Mits ze bemoedigd worden en hun sterke kanten kunnen gebruiken. En dat is tof voor in de kerk toch? Activiteiten en vormen zullen we eigenlijk moeten aanpassen op wat de jongeren kunnen inbrengen.
Kan iemand vreselijk goed dansen-> dan is het podium een prachtige plek voor haar. Ook al betekent dat dat sommige ouderen zich ergens over heen moeten zetten. Kan iemand prachtige graffiti kunstwerken maken ->dan is daar vast ruimte voor ergens op een muur.

(Protocollen en traditie kunnen prachtig zijn. Maar ze staan stil en groeien niet. Jongeren groeien. Als we de kerk groen en fris willen houden zullen we tradities moeten inleveren.)

Als de jongeren zich gezien weten en zich nuttig voelen, zullen ze gevoel behouden als ze in de twintig zijn. Dat klinkt logisch toch? Als jongeren nu hun ‘ding’ kunnen doen ervaren nu al de intimiteit en veiligheid die ze als ze twintiger zo hard nodig hebben.

Is de twintigerdip er wel?

Even terug naar die twintigerdip die werd aangekaart in het thema nummer (zie vorig blog). Is die dip er eigenlijk wel? De leeftijdsverdeling van de NGK Voorthuizen/Barneveld laat inderdaad een dip zien bij de twintigers. En de tekst die er bij staat verklaart de zorg ook wel. De gemeente is bijna verdubbeld en bijna alle leeftijdsgroepen doen daarin mee. Behalve de twintigers, die blijven achter in aantallen.

Vanuit de theorie over twintigers is het niet heel raar dat zij achterblijven in deze groei denk ik:

  • Twintigers maken hun eigen keuzes en gaan niet automatisch met ouders mee naar een nieuwe gemeente
  • Als twintigers zelfstandig wonen is het niet een automatisme om zich aan te sluiten bij een nieuwe gemeente, zeker niet van een gemeente in dezelfde denominatie.
  • Levenskeuzes maken ze overwogen. En meestal niet voordat ze de keuze voor studie, werk en levenspartner hebben gemaakt.
  • Twintigers leven in een tijdelijke situatie. Dit zorgt voor het uitstellen van grote keuzes.

En is het zo’n groot probleem als het lijkt te zijn? Als we iets (bijna) zeker willen weten kunnen we te rade gaan bij het CBS. Onderstaande grafiek komt daar uit. Via deze link kan je deze grafiek ook in beweging zetten zodat je de groei van een groep kan zien. Als mijn redenering van hierboven klopt lijkt het probleem wel mee te vallen. Je zou misschien beter vraagtekens kunnen zetten bij het aantal 50-60 jarigen die het wat lijkt af te laten weten in de grafiek van de NGK terwijl die groep landelijk oververtegenwoordigd is.

In de bewegende grafiek op de site van het CBS kan je zien dat de leeftijdsgroepen steeds kleiner worden maar dat de opbouw heel gelijkmatig wordt. Dat klinkt naar stabiliteit misschien. Dat is eigenlijk heel prettig voor organisaties en voor kerken.
Maar aantallen maken niet uit voor de kerk eigenlijk. Al is er één jongere, dan moeten we die ook zien te binden en te boeien.

Andere artikelen die interessant zijn om te lezen en die wel ondersteunend zijn aan dit blog zijn:

Update 16/5 deel 4 is ondertussen een feit. Je kunt het hier lezen. Maar ik ben nog steeds benieuwd naar je reactie via een van boven benoemde wegen.

Vertel het een ander!